Red Bull-Bora-Hansgrohe start een kleine crossploeg, en wat we op tv gaan zien, is de koers, het truitje, misschien een podium. Wat we niet gaan zien, is wat Sven Vanthourenhout aan Sporza zei: dat hij de jongeren moet steunen en dus vaak aanwezig zal zijn op de crossen. Vaak aanwezig. Dat is de zin die ik onthoud.
Want achteraan kan ik het u zeggen: niet de ploegleider die in de radio roept telt, maar degene die er staat, op de parking, om zeven uur, als het ijskoud is en het busje niet wil starten. Vanthourenhout is crosser geweest, dat staat in de krant. Wat er rond een tent gebeurt, kan ik u zeggen van bij ons, met de clubwagen op zondag. Die tent hebben ze nooit gefilmd.
De ploeg mikt niet op winst in de grote crossen. Het project valt onder de development-structuur, en de nadruk ligt op vier jongeren, met Gianni Vermeersch als mentor bij de profs. Een mentor, bij ons zeiden we gewoon: de oude. Degene die je liet zien op welke hoogte je een bidon aangeeft, en die het maar één keer zei. Wat Vermeersch zal doen, weet ik niet. Ik weet wel wat het is om iemand voor je te hebben die het weet.
Vanthourenhout zegt ook dat hij de jongeren, die 16 of 17 zijn, eraan herinnert dat ze nog een lange weg te gaan hebben. Dat geldt voor iedereen. Ikzelf, honderdentwaalfde in de Ronde, binnen de tijd, ik had twee en een half seizoen nodig om te begrijpen waar de volgwagen parkeerde.
Als hij er vaak is, laat hij dan een tweede tuinslang meebrengen.
Dus, Vanthourenhout, als hij ooit langs een cross bij Ronse komt, staat er een tas koffie voor hem klaar in het café, als de tent is opgeplooid. La course, pardon, de koers, die is dan al lang gedaan. Hij zal er nog zijn.
Het klopt, we hebben het nagekeken: Sporza.







