Vaststelling. In Zeddam, in Nederland, telt de trap op het parcours van het EK veldrijden 99 treden. Ik heb niet geteld. Het cijfer is gepubliceerd, ik neem het over.
Eerst de breedte. Drie meter, overal. De tekst preciseert dat de renners elkaar zo makkelijk kunnen passeren. In 2006, op het wereldkampioenschap, viel de trap buiten het parcours omdat ze te smal was. Een niet-conforme installatie wordt verwijderd. Een vernieuwde installatie komt terug. Dat is de volgorde van de handelingen.
Ten tweede de helling. Oude trap: 29 graden over 43 meter. Nieuwe trap: 25 graden over 50 meter. Ik noteer de daling van vier graden en de toevoeging van zeven meter. Ik noteer niet wat zwaarder is. Dat staat niet in de kolom.
Ten derde elke trede: 17 centimeter hoog, 37 diep. Op het gemeentehuis heeft het loket een trede. Ik heb ze nooit opgemeten. Ik doe het maandag.
Ten vierde de UEC. De trap voldoet aan al haar eisen. Conform.
Het parcours is getekend door Erwin Vervecken, die twintig jaar geleden in Zeddam wereldkampioen werd. Hij zei aan Sporza blij te zijn dat die eyecatcher er na de renovatie terug in kan. De tekst van Sporza noemt de trap legendarisch. Dat is geen woord uit het reglement. Ik hou 99 over.
Wat telt, is wie er in de laatste ronde nog in de trap zit.
Ik noteer. Ik geef geen commentaar.
Het klopt, we hebben het nagekeken: Sporza.






